Over Anna Huizinga

Als kind al fietste de fotografe Anna Huizinga langs woonwagenkampen en onbewoonbaar verklaarde woningen, met het verlangen naar binnen te kunnen kijken. Nu zoekt zij, in reisreportages en portretten, naar het wezen van wat ‘anders’ is.

Huizinga portretteert buitenstaanders, mensen die in uitzonderingsposities verkeren: asielzoekers, slachtoffers van Tsjernobyl, alleenstaande boeren, voormalige slaven in Mauretanië. Ze fotografeert ze dicht op de huid, met een minimum aan informatie over hun levensomstandigheden. Verweerde gezichten, gelooide handen, huidskleur of kledij verwijzen naar afkomst of geschiedenis, maar vertellen nooit het hele verhaal. De foto’s zijn gemaakt op een moment van werkelijk contact tussen fotograaf en geportretteerde. Ze leggen de fractie van een seconde vast waarin tijd, afstand en verschillen zijn weggevallen en tonen, door de sporen van de levensgeschiedenis heen, de kwetsbaarheid van de ziel. De portretten zijn puur, direct, onopgesmukt en komen dichtbij. Behalve kwetsbaar zijn ze krachtig en boven alles: menselijk.

De foto’s hebben het korte moment van contact tussen fotograaf en geportretteerde verlengd en bieden de kijker de gelegenheid de geportretteerde ‘ander’ te ontmoeten. In die ontmoeting wordt het anders-zijn voor even opgeheven: de kijker herkent zich – de ander dat is hijzelf.